|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Azerbeidzjan (vroeger ook wel Atropatene, Aran of Medes genoemd) is een land in de Kaukasus, aan de Kaspische Zee, op de grens van Azië en Oost-Europa en vormt daarmee een transcontinentale staat. Het land ligt voor het grootste deel in Azië, maar ook voor een deel in Europa, waarbij de waterscheiding van de Kaukasus traditioneel als grens wordt gezien. Het grenst aan Rusland, Georgië, Armenië, Iran en Turkije.
bewerk GeschiedenisDe naam van Azerbeidzjan zou zijn afgeleid van Atropates, een Medische satraap (gouverneur) die heerste over Atropatene in Iraans Azerbeidzjan (waaronder nu onder andere de noordelijke Iraanse provincies West- en Oost-Azerbeidzjan vallen). De naam Atropates is weer afgeleid uit het Oudperzisch en betekent "beschermd door vuur". Het gebied van de huidige republiek, dat onder vele namen bekend gestaan heeft zoals Kaukasisch Albanië, Arran en Medes, is vanaf de 9e eeuw v.Chr door verschillende culturen bezet geweest, waaronder de Grieken, Perzen, Arabieren, Mongolen, Turken, Britten en Russen. bewerk Klassieke periodeAzerbeidzjan zou oorspronkelijk bewoond zijn geweest door Kaukasische Albanezen. Tot de eerste invallers behoren de Scythen in de 9e eeuw v.Chr.. Vervolgens heersten de Meden over de gebieden ten zuiden van de Aras. De Meden werden verslagen door de Achaemeniden rond 550 v.Chr., die het zoroastrisme verspreiden in het zuiden. In 330 v.Chr. versloeg Alexander de Grote de Achaemeniden, maar de Medische satraap Atropates mocht aanblijven als heerser. Nadat het rijk van de Griekse Seleuciden (die de gebieden in de Kaukasus erfden), verzwakte en hun invloed over Kaukasisch Albanië kwijtraakte, verkreeg het Koninkrijk Armenië de macht over delen hiervan tussen 190 v.Chr. en 387 n. Chr.[4] In de eerste eeuw v.Chr. stichtten Kaukasische Albanezen een eigen koninkrijk, alvorens de Sassaniden er een vazalstaat van maakten in 252. In de 4e eeuw nam koning Urnayr officieel het christendom aan als staatsgodsdienst, hetgeen het tot de 8e eeuw zou blijven.[5][6] De Sassanidische overheersing eindigde met hun nederlaag tegen de islamitische Arabieren in 642. bewerk Middeleeuwse periodeDe Omajjidische Arabieren versloegen de Sassanieden en Byzantijnen en nadat ze de christelijke opstand onder leiding van Javansjir hadden neergeslagen in 667, maakten ze een vazalstaat van Kaukasisch Albanië. Tussen de 9e en 10e eeuw begonnen Arabische schrijvers het gebied tussen de rivieren Koeran en Aras aan te duiden als Arran. Vanuit Basra en Koefa kwamen in die tijd rijke Arabieren naar het gebied en pikten het land in van de gevluchte inheemse bevolking, waarop ze een elite begonnen te vormen van landeigenaren.[7] Toen kleine groepen Arabieren naar de steden Tabriz en Maragha van Iraans Azerbeidzjan trokken en de islam steeds verder door werd gevoerd, groeide het verzet en er brak aldaar een grote opstand uit tussen 816 en 837 onder leiding van de lokale zoastriër Babek. Afgezien van enkele gebieden waar het verzet nog lang bleef doorgaan, ging het merendeel van de bevolking toch over op de islam. Nadat het rijk van de Abbasiden haar invloed verloor volgden andere islamitische clans die Azerbeidzjan gingen bewonen of overheersen, zoals de Sallariden, Sajiden, Sjaddadiden, Rawadiden en Boejiden. In het midden van de 11e eeuw werden de Arabieren verdreven door de Centraal-Aziatische Seltsjoeken, die het grootste deel van Zuidwest-Azië beheersten. Voor hun komst stroomden echter reeds nomadische Oguzen het land binnen. De eerste Oguzische dynastie in het gebied waren de Ghaznaviden, die het gebied dat nu Azerbeidzjan wordt genoemd bezetten in 1030. Hiermee zette de turkificatie van Azerbeidzjan in, daar hiermee de West-Oguzische Turkse taal de eerdere Iraanse en Kaukasische talen begon te vervangen.[8] De Seltsjoeken beheersten hun gebieden door atabeis (Turks: atabegs), die in de praktijk vazallen vormden van de Seltsjoekse sultans en soms zelf de facto heersers vormden over hun gebieden. Onder de Seltsjoeken volgde een opbloei van de Perzische literatuur door toedoen van lokale dichters als Nizami Ganjavi en Khaqani Sjirvani. De daaropvolgende dynastie van de Mongoolse Jalayiriden duurde slechts kort en viel ten prooi aan de verwoestende veldtochten van Timoer Lenk. De heersende lokale dynastie van de Sjirvansjah werd aangesteld als vazal van Timoer's rijk en hielp hem in zijn strijd tegen de leider van de Gouden Horde, Toktamysj. Na de dood van Timoer ontstonden er twee rivaliserende staten; Kara Koyunlu (het rijk van de zwarte hamel) en Ak Koyunlu (het rijk van de witte hamel), waarbij sultan Oezoen Hasan van Ak Koyunlu globaal het gebied van Azerbeidzjan bestuurde. De lokale heersers van de Sjirvansjah-dynastie wisten als lokale heersers en vazallen tussen 861 en 1539 hun autonomie grotendeels te behouden. bewerk Salawidische periode en inlijving bij het Russische RijkDe Safawiden, die in de 16e eeuw aan de macht kwamen, vervolgden de Sjirvansjah's en legden het sjiisme op aan de soennitische bevolking en streed tegen het soennitische Ottomaanse Rijk. Na de val van de Safawiden rond 1722 ontstonden verschillende kleine kanaten in het gebied dat nu Azerbeidzjan wordt genoemd. Deze kanaten verkeerden voortdurend in staat van oorlog met elkaar en konden zo geen vuist maken tegen omringende mogendheden. Het Russische Rijk dat door de Kaukasusoorlog haar invloedssfeer steeds verder over de Kaukasus verspreidde bereikte daarop ook het Azerbeidzjaanse gebied. Aan de andere zijde verkreeg Nadir Sjah, soms met hulp van de Russen steeds meer macht en wist de Ottomanen terug te dringen uit de Kaukasus. Na de regeringsperiode van zijn zoon Karim Khan, kwam de dynastie van de Kadjaren in 1779 aan de macht.[9] De Russische tsaren loerden echter op de Perzische bezittingen in de Kaukasus, hetgeen aanleiding gaf tot de Russisch-Iraanse Oorlogen, die uitmondden in het Verdrag van Golestan (1813) en het Verdrag van Torkamanchai (1828). Bij het laatste verdrag werd Perzië gedwongen om het Kaukasische deel van het rijk (het Erivankanaat, Nachitsjevankanaat en de overgebleven delen van het Talysjkanaat) op te geven en kwam Azerbeidzjan in handen van de Russen.[10] De zuidelijke grens werd vastgesteld als lopend langs de Arasrivier. bewerk Onder Russisch bestuur, de communistische overgangsperiode en de Sovjet-UnieDe Russen bestuurden het gebied oorspronkelijk vanuit verschillende militaire districten, maar in 1846 werd het gouvernement Sjemacha ingesteld met Sjemacha als bestuurlijk centrum. Na een verwoestende aardbeving in 1859, waarbij de stad zwaar getroffen werd, verplaatsten de Russen hun machtsbasis naar Bakoe (waar het tot op heden is gebleven) en hernoemden het gouvernement naar gouvernement Bakoe. Nadat het Russische Rijk instortte als gevolg van de Russische Revolutie en de Russische Burgeroorlog uitbrak, richtte Azerbeidzjan samen met Armenië en Georgië de mensjewistische Transkaukasische Democratische Federatieve Republiek op in februari 1918, maar reeds in mei van dat jaar viel deze uiteen en verklaarde Azerbeidzjan zich onafhankelijk als de Democratische Republiek Azerbeidzjan (Azərbaycan Xalq Cümhuriyyəti) als eerste seculiere moslimstaat ter wereld (een parlementaire republiek). De republiek had echter geen grote militaire middelen om de oprukkende bolsjewieken tegen te houden en na 23 maanden viel het Elfde Rode Leger in april 1920 het gebied binnen en veroverde het. Op 28 april 1920 werd in Bakoe de communistische Azerbeidzjaanse Socialistische Sovjetrepubliek opgericht. In 1922 werd het Azerbeidzjaanse gebied echter opnieuw samengebracht met de Armeense en Georgische gebieden in de Trans-Kaukasische Socialistische Federatieve Sovjetrepubliek, die onderdeel werd van de in dat jaar ingestelde Sovjet-Unie. Na 14 jaar werd deze Sovjetrepubliek in 1936 echter weer opgesplitst en werd de Azerbeidzjaanse Socialistische Sovjetrepubliek opnieuw ingesteld als een van de 12 Sovjetrepublieken (na 1945 werden dit er 15). In de jaren '40, tijdens de Grote Vaderlandse Oorlog vormden de olievelden rond Bakoe een belangrijke hulpbron voor de strijdende partijen aan het Oostfront. Bijna 600.000 Azeri's vochtten aan de zijde van de Sovjets tegen Nazi-Duitsland. Om de olievelden van de Kaukasus en Bakoe in handen te krijgen werd door Adolf Hitler Operatie Edelweiss opgezet, maar bij Mozdok in de Noordelijke Kaukasus staakte de opmars. Door de verloren Slag om Stalingrad verloren de Duitsers ook de Slag om de Kaukasus en moesten zich weer terugtrekken. Pogingen van de Duitsers om gevluchte Azerische politieke figuren als Mammed Amin Rasulzade samen te brengen met Azerische krijgsgevangenen in Berlijn om zo hun medewerking te verkrijgen liepen ook op niks uit. In 1941 had de Sovjet-Unie samen met de Britten de Anglo-Sovjetinvasie van Iran uitgevoerd om de Duitsgezinde Reza Sjah te verdrijven en de olievelden veilig te stellen. Na de oorlog werd met hulp van de Sovjet-Unie het Volksbestuur van Azerbeidzjan ingesteld in Iraans Azerbeidzjan, dat echter al in 1946 weer werd ingenomen door Iran, nadat de Sovjet-Unie de steun opzegde onder druk van de Verenigde Staten, die toen steeds invloedrijker in Iran werden. De Azerische leider Jafar Pisjevari van het volksbestuur, die toch al niet werd vertrouwd door Stalin stierf al snel daarop onder verdachte omstandigheden. Na de dood van Stalin en de destalinisatie werd vanaf de jaren '50 de industrialisatie en de urbanisatie steeds verder doorgezet. Maar het atheïsme werd ook steeds verder doorgezet met anti-islamistisch beleid. Ook de russificatie kwam steeds sterker tot uiting onder het mom van de "Sovjetnatie"vorming. Vanaf de jaren '60 verdween de dominantie van de Azerische olie door kolossale nieuwe vondsten in onder andere West-Siberië en kwam de economie van de Sovjetrepubliek, die voor een groot deel hierop dreef, steeds meer onder druk te staan. Na de Tadzjiekse SSR kende de Azerbeidzjaanse SSR de laagste groei van alle Sovjetrepublieken. Een ander probleem vormde het opkomende nationalisme. Etnische spanningen tussen met name Azeri's en Armenen kwamen steeds vaker voor, maar geweld werd onderdrukt. Om de groeiende structurele crisis het hoofd te bieden, stelden de Sovjets in 1969 Heydər Əliyev aan als eerste secretaris van de Communistische Partij van Azerbeidzjan. Əliyev, die het gebied meer dan 30 jaar zou besturen en een eigen clan instelde in 2003, door zijn zoon op de troon te zetten, wist een tijdlang de economie uit het slop te trekken door alternatieve sectoren zoals de katoenindustrie te promoten, om zo de afhankelijkheid van olie te verminderen. Ook beperkte hij de Russische invloed door de leden van zijn regering grotendeels te vervangen door Azeri's. Hij wist ook carrière te maken binnen het communistische stelsel en in 1982 betrad hij de hoogste positie die ooit door een moslim in de Sovjet-Unie was bekleed door lid te worden van het Politbureau in Moskou. In 1987, bij de aanvang van de perestrojka, moest hij echter onder druk van Michail Gorbatsjov aftreden, omdat hij diens hervormingen tegenwerkte. In 1988 brak het Karabach-conflict uit (zie verder), die leidde tot een grondoorlog met Armenië in 1991. bewerk Azerbeidzjan als onafhankelijk landDe roep om onafhankelijkheid werd eind jaren '80 steeds groter. In 1989 ontstond de politieke partij Volksfront van Azerbeidzjan als tegenwicht tegen de communistische partij. Deze partij viel echter al snel uiteen in een gematigde en een conservatief-islamitische tak, die werd gevolgd door een stroom van anti-Armeens geweld. Op 20 januari 1990 vond zwarte januari plaats in Bakoe, waarbij het Sovjetleger de hoofdstad Bakoe bestormde nadat pogroms tegen de Armenen hadden plaatsgevonden door de lokale bevolking. Tussen de 40 en 60 Armenen en meer dan 100 Azeri's kwamen hierbij om het leven. Deze datum wordt in Azerbeidzjan gezien als de geboortedag van de onafhankelijkheid. Op 30 augustus 1991 riep Azerbeidzjan de onafhankelijkheid uit (rond dezelfde tijd als haar buurlanden Armenië en Georgië) en werd een presidentiële republiek. Als eerste president trad de communist Ayaz Mütallibov aan. De inadequate opbouw van het Azerbeidzjaanse Leger en het verlies tijdens de oorlog werd president Mütallibov zwaar aangerekend en in maart 1992, na de val van Sjoesja, dwong de Opperste Sovjet van Azerbeidzjan hem tot aftreden en schreef nieuwe presidentsverkiezingen uit. De communisten wisten echter geen goede kandidaat te vinden en de verkiezingen van juni 1992 werden daarop gewonnen met meer dan 60% van de stemmen door Abülfaz Elçibay van het Volksfront van Azerbeidzjan, een voormalige dissident en politiek gevangene. Onderdeel van zijn plannen vormde nauwere relaties met Turkije, geen deelname aan het GOS en betere relaties met de Azeri's in Iran. Ondertussen had Heydər Əliyev zijn positie versterkt in Nachitsjevan (zie verder), maar hij was uitgesloten van het presidentschap vanwege het feit dat hij ouder was dan 65. Elçibay kreeg echter binnen een jaar met dezelfde situatie te maken die zijn voorganger zijn positie kostte; de Armenen veroverden een vijfde van het Azerische grondgebied en meer dan een miljoen binnenlandse vluchtelingen (IDP's) kwamen naar Azerbeidzjan. In juni 1993 werd hij geconfronteerd met een militaire opstand tegen zijn bewind in de stad Gandzja (Gəncə) onder leiding van kolonel Soerat Hoeseinov. Elçibay en zijn partij werden hoe langer hoe meer gemarginaliseerd als gevolg van de oorlog, de slechte economische situatie en de oppositie onder leiding van Heydər Əliyev. Əliyev kwam naar Bakoe en versterkte zijn positie daar nog verder en in augustus werd Elçibay door middel van een referendum afgezet. Tijdens de daaropvolgende presidentsverkiezingen van 3 oktober 1993 won Əliyev met een overweldigende meerderheid. De oorlog met Armenië werd in 1994 afgesloten met een onofficiële wapenstilstand en het verlies van een 16% van het Azerbeidzjaanse grondgebied (volgens de CIA). Er vielen meer dan 25.000 slachtoffers en meer dan een miljoen Azerbeidzjanen en Armenen sloegen op de vlucht. Een van de meest bloedige gebeurtenissen vanuit het oogpunt van Azerbeidzjan vormde het Bloedbad van Xocalı. Əliyev verkreeg als president steeds meer macht. In maart 1994 wist hij zich te ontdoen van een deel van de oppositie, waaronder kolonel Hoeseinov, door hen gevangen te zetten. In 1995 werd de voormalige militaire politie beschuldigd van het organiseren van een staatsgreep in samenwerking met rechtse Turkse nationalisten en werd ontbonden. In 1996 vluchtte de voorzitter van het parlement Rəsul Quliyev naar het buitenland. Op deze wijze vestigde Əliyev zijn positie als absoluut heerser. Onder Əliyevs bewind werden beperkte hervormingen doorgevoerd en werd het "contract van de eeuw" gesloten in oktober 1994, waarbij het olieveld Azeri-Chirag-Guneshli werd opengesteld voor exploitatie door BP en veel olie werd geëxporteerd. Hierdoor veerde de economie weer wat op, maar de groei werd sterk afgeremd door de corruptie en het nepotisme dat onder zijn bewind hoogtij vierde en de overige economische sectoren werden nauwelijks ontwikkeld. In 2001 trad Azerbeidzjan toe tot de Raad van Europa. In oktober 1998 werd Əliyev herkozen, waarbij de oppositie hem van kiesfraude beschuldigde. Er volgde echter geen internationale veroordeling van de verkiezingen. Tijdens zijn tweede ambtstermijn werd opnieuw gekenmerkt door beperkte hervormingen, maar weer werd de olieproductie vooropgesteld, waarbij de positie van BP in Azerbeidzjan werd versterkt. Begin 1999 werd het Sjah Deniz-gasveld ontdekt, waarmee Azerbeidzjan de potentie kreeg om ook een grote gasexporteur te worden. In 2003 startte het werk aan de strategische Bakoe-Tbilisi-Ceyhanoliepijpleiding en de Zuid-Kaukasusgaspijpleiding, die respectievelijk in 2005 en 2006 gereed kwamen. Heydər Əliyev werd ziek en in april 2003 stortte hij in op het politieke toneel, waarop hij niet meer publiekelijk verscheen. In de zomer vertrok hij naar de Verenigde Staten, waar hij op de intensive care werd geplaatst. In december overleed hij. De daaropvolgende presidentsverkiezingen werden wederom als frauduleus beschouwd en brachten zijn zoon Ilham Əliyev aan de macht. De verkiezingen werden gekarakteriseerd door veel geweld en werden sterk veroordeeld door waarnemers. De oppositie is echter wel in kracht gegroeid onder Ilham Əliyev, daar velen het oneens zijn met de dynastieke presidentsopvolging. bewerk Nagorno KarabachDe glasnost, die onder Gorbatsjov tot stand kwam, zorgde voor een opleving in het etnisch zelfbewustzijn. De eerste consequentie hiervan was echter het al generaties oude conflict rond Nagorno Karabach. Dit berggebied wordt al sinds de tijd van het Koninkrijk Armenië bewoond door veel Armenen. Onder het Russische Rijk maakte het deel uit van het gouvernement Jelisavetpol en werd de toestroom van Armenen vanuit Iran door de Russen bevorderd en vluchtten veel islamitische Azerische gezinnen juist naar Iran. Ongeveer een derde van de bevolking bestond toen uit Armenen. Tussen 1918 en 1920 vond de Armeens-Azerbeidzjaanse Oorlog plaats, een serie van conflicten over het gebied tussen de kortstondige Democratische Republiek Armenië en de Democratische Republiek Azerbeidzjan. Nadat Armenen er een onafhankelijke staat uitriepen in 1918 werd het gebied onder de voet gelopen door het Ottomaanse Rijk. Nadat dit rijk was verslagen, bezetten de Britten het gebied en stelden de door de Azerbeidzjaanse regering gesteunde gouverneur-generaal Khosrov Sultanov aan. Een besluit uit februari 1920 door Nationale Raad voor Karabach om zich onder jurisdictie van de Democratische Republiek Azerbeidzjan te stellen werd niet erkend door de Armenen, die een guerrilla voerden in het gebied. Twee maanden later werd het besluit weer ongedaan gemaakt en sloot het gebied zich aan bij Armenië. Tijdens een strijd van het Azerbeidzjaanse leger tegen de Armenen in Nagorno Karabach werd ondertussen het land zelf bezet door het Rode Leger, die om steun te winnen het gebied toekende aan Armenië, samen met Nachitsjevan en Zangezoer (een smalle strook land tussen Nachitsjevan en de overige Azerbeidzjaanse gebieden). De wortels van het conflict over het gebied liggen in de besluiten die door Stalin en het Kaukasisch Bureau (Kavburo) werden gemaakt begin jaren '20, toen de sovjetificatie van Trans-Kaukasië werd ingezet. Stalin was toen voorzitter van de Sovnarkom en had het Kavburo onder zich. De Moskouse heersers hadden toen grote plannen; ze wilden dat het net ontstane Turkije zich ook volgens communistische lijnen zou gaan ontwikkelen. Om deze reden werd het regime van dat land geprobeerd voor zich te winnen door alleen Zanzegoer aan Armenië te geven en de andere beide gebieden onder Azerbeidzjaans bestuur te plaatsen. Zou dit niet het geval geweest zijn, dan had Stalin ook beide andere gebieden onder Armeens bestuur geplaatst.[11] Als gevolg van deze besluiten kwam het gebied echter als de Nagorno Karabachse Autonome Oblast onder het bestuur van de Azerbeidzjaanse SSR op 7 juni 1923. Eind jaren '80 onder invloed van de glasnost braken nieuwe spanningen uit. Onder de beschuldiging dat de Azerbeidzjaanse Sovjetregering zich schuldig zou maken aan azerificatie, begonnen de Armenen in het gebied een beweging voor de aansluiting van het gebied bij Armenië. Op 20 februari 1988 stemden Armeense afgevaardigden uit het gebied voor deze aansluiting. Vier dagen later ontstonden de eerste schermutselingen in het gebied. Ook werden in de Armeense en Azerbeidzjaanse SSR's aanvallen gepleegd op minderheden van de ander in hun gebied, wat een stroom van vluchtelingen op gang bracht tussen beide Sovjetrepublieken, gedeeltelijk onder dwang. Moskou verleende de Azerbeidzjaanse Sovjetregering eind 1989 daarop extra bevoegdheden om het conflict binnen de perken te houden. De Armeense SSR en de Nagorno Karabachse regering riepen daarop echter een unie tussen beide gebieden uit. Op 10 december 1991 hielden de Armenen uit het gebied een referendum, dat werd geboycot door de Azeri's, waarbij ze de onafhankelijkheid uitriepen. Een laatste poging van Moskou om het gebied dan maar verregaande autonomie te verlenen werd door beide partijen geweigerd. Daarop mondde het Nagorno Karabachconflict uit tot een grondoorlog tussen Armenië en Azerbeidzjan, die zich rond dezelfde tijd onafhankelijk verklaarden. In het machtsvacuüm dat was ontstaan door het uiteenvallen van de Sovjet-Unie, bemoeiden eenheden van het Russische Leger zich actief met de gevechten. Ook werden door beide partijen huurlingen uit Rusland en Oekraïne ingezet.[12] Daarnaast vochten aan Azerische zijde nog eens ruim 1000 Afghaanse mujahedien en Tsjetsjenen (waaronder Sjamil Basajev) mee in het conflict. Tegen het einde van 1993 waren aan beide zijden duizenden doden gevallen en waren honderdduizenden mensen op de vlucht geslagen. Eind 1993 opende Armenië twee nieuwe offensieven, waarbij grote delen van zuidwest-Azerbeidzjan werden veroverd. Daarop dreigden Turkije en Iran met militair ingrijpen en begonnen troepen samen te trekken bij de grens. Ondertussen zette het Verdedigingsleger van Nagorno Karabach de opmars voort en kreeg in mei 1994 20% van Azerbeidzjan in handen. De Azerbeidzjaanse regering begon daarop voor het eerst te onderhandelen met het Armeense bestuur in Nagorno Karabach, dat zij tot dan toe niet hadden erkend. Dit leidde op 12 mei 1994 tot een onofficieel akkoord, dat tot op heden geldt, al worden soms wel schermutselingen gemeld tussen beide partijen. Armeense troepen hebben tot op heden het grootste deel van Nagorno Karabach in handen, alsook het gebied tussen Nagorno Karabach en Armenië (de Lachin-corridor) en kleine stroken land eromheen. Daartegenover staat dat in mei 1991 Gorbatsjov Operatie Ring liet uitvoeren in de door Armenen bewoonde Azerbeidzjaanse regio Sjahoemian (nu Ashağı Ağcakənd), waarbij duizenden Armenen naar Armenië werden gedeporteerd. In 1991 werd tussen beide legers om deze regio gevochten, waarbij het Azerische Leger het gebied wist te veroveren en een groot deel van de overgebleven Armeense bevolking op de vlucht sloeg. Na de oorlog werd het gebied gedeeltelijk herbevolkt met Azerische vluchtelingen. bewerk NachitsjevanIn het zuidwesten, gescheiden van de rest van het land door Armenië, ligt de enclave Nachitsjevan. Dit gebied heeft de status een autonome republiek. Hier bestond begin 20e eeuw ongeveer 40% van de bevolking uit Armenen en 60% uit Azeri's. Tijdens de kortstondige bezetting door de Britten, als vervanging van het Ottomaanse Leger, werd in een poging het conflict over Nichitsjevan en Nagorno Karabach op te lossen door de Britse bestuurder Oliver Wardrop voorgesteld om Armenië het voormalige Russische gouvernement Erivan (waaronder Nachitsjevan en Zanzegoer) te geven en Azerbeidzjan de voormalige Russische gouvernementen Bakoe en Jelizavetpol(waaronder Nagorno Karabach). Dit werd echter door beide partijen als ondenkbaar gezien. In december 1918 werd met steun van Azerbeidzjan in Nachitsjevan de Republiek van de Aras uitgeroepen, waarop Armeense troepen het gebied binnenvielen en het in midden juni 1919 veroverden. Daarop viel het Azerbeidzjaanse Leger het gebied binnen en heroverde het, waarop enkele tienduizenden Armenen werden gedood en 45 dorpen werden verwoest.[13] Na een door de Britten ingestelde wapenstilstand, brak begin 1920 opnieuw geweld uit tussen beide landen. Midden maart van dat jaar werd Nachitsjevan opnieuw binnengevallen door het Armeense Leger. In juli van dat jaar viel het Rode Leger ook Nachitsjevan binnen en stelde de Nachitsjevaanse ASSR in, die "sterke banden" had met de Azerbeidzjaanse SSR. Bij het binnenvallen van Armenië werd dit land ook Nachitsjevan beloofd en verklaarde de Azerische revolutionair Nariman Narimanov dat Nachitsjevan en Zanzegoer aan Armenië zouden moeten toekomen vanwege hun strijd tegen de regering van de Dashnak.[14] Lenin ging hier echter niet mee akkoord en liet in plaats daarvan de bevolking van Nachitsjevan via een referendum bepalen waar zij bij wilden horen. De formele uitkomsten van het referendum, dat begin 1921 werd gehouden, gaven aan dat 90% van de bevolking zich bij de Azerbeidzjaanse SSR wilde aansluiten met de status van autonome republiek[15], hetgeen werd vastgelegd in het Verdrag van Moskou van 1921 tussen de Sovjet-Unie en Turkije.[16] Onderdeel van dit verdrag vormde dat de voormalige oejezd Sjaroer-Daralagez bij deze autonome republiek werd gevoegd, zodat Turkije een grens kreeg met Azerbeidzjan. Bij het Verdrag van Kars op 23 oktober 1921 werd dit bevestigd door Turkije, de Armeense SSR en de Azerbeidzjaanse SSR.[17] Op 9 februari 1924 werd de Nachitsjevaanse ASSR formeel ingesteld als onderdeel van de Sovjet-Unie. Tijdens de Sovjetperiode leefden Armenen en Azeri's relatief vreedzaam naast elkaar. Het aantal Armenen daalde in die periode sterk door emigratie naar de Armeense SSR; van 15% in 1926 naar 1,4% in 1979, terwijl het percentage Azeri's in dezelfde periode door geboorte en immigratie steeg van 85% naar 96%. Eind jaren '80 onder invloed van de spanningen in Nagorno Karabach namen ook de spanningen in dit gebied toe, hetgeen leidde tot het sluiten van de grenzen voor treinverkeer tussen de Nachitsjevaanse ASSR en de Armeense SSR, waardoor beide economiën schade opliepen. In december 1989 probeerden radicale nationale Azeri's de grens met Iran open te breken, hetgeen tot boze reacties vanuit Moskou leidde dat hen beschuldigde van het "omarmen van islamitisch fundamentalisme".[18] In januari dreigde de Nachitsjevaanse ASSR zich af te scheiden van de Sovjet-Unie in reactie op de 'zwarte januari' in Bakoe, waarmee het de eerste regio van de Sovjet-Unie was (Litouwen volgde een paar week later). In 1990 keerde de Azerische machthebber Heydər Əliyev terug naar zijn geboorteplaats in Nachitsjevan, nadat hij in 1987 door Gorbatsjov uit zijn functie van Politbureaulid was gezet. Kort daarop werd hij alsnog tot lid van de Opperste Sovjet van de Nachitsjevaanse ASSR gekozen met een overweldigende meerderheid. In 1991 trad hij echter terug uit de CPSU, maar steunde wel Gorbatsjov tijdens de staatsgreep die tegen hem werd gepleegd, waarbij hij Ayaz Mütallibov veroordeelde om zijn steun voor de staatsgreep. Eind 1991 verstevigde hij zijn positie binnen de Opperste Sovjet en verkreeg bijna volledige onafhankelijkheid van de Azerbeidzjaanse SSR.[19] Tijdens het Karabach-conflict raakte ook Nachitsjevan betrokken in de gevechten. Op 18 mei 1992 werd de exclave Karki veroverd door Armeense troepen, nadat eerder al een aantal schermutselingen hadden plaatsgevonden. Tot op heden is deze in handen van het Armeense Leger. Na de verovering van Sjoesja door het Armeense Leger beschuldigde Azerbeidzjan Armenië ervan heel Nachitsjevan te willen veroveren, hetgeen zij ontkende. Əliyev verklaarde echter een unilateraal staakt-het-vuren op 23 mei 1992 en probeerde op eigen houtje een vredesverdrag te sluiten met Armenië. Een staakt-het-vuren werd door hem overeengekomen met de Armeense president Levon Ter-Petrosian. Turkije en Rusland, de opstellers van het Verdrag van Kars, begonnen zich daarop met het conflict te bemoeien: Turkije dreigde Armenië binnen te vallen als ze een stap over de grens van Nachitsjevan zou doen. Russische militaire leiders voorspelden echter dat interventie door een derde partij een "Derde Wereldoorlog" zou kunnen ontketenen. Turkije begon troepen samen te trekken langs de grens met Nachitsjevan, hetgeen werd gevolgd door Russische troepen in Armenië. Hierdoor bleef het conflict verder uit tot het einde van de oorlog in 1994. In 1993 werd Əliyev uitgenodigd om terug te keren naar Bakoe als president. Nachitsjevan bleef haar autonome status houden, maar is sterk geïsoleerd van de rest van het land, daar Armenië in reactie op de blokkade van haar grenzen door Azerbeidzjan en Turkije, de grens met Nachitsjevan dicht houdt. De regio heeft meer recentelijk de banden met Iran versterkt door het aangaan van gascontracten en de bouw van een brug tussen beide landen over de rivier de Aras. bewerk GeografieHet land is van de drie Trans-Kaukasische republieken het minst bergachtig. Weliswaar ligt het in het noorden in de Grote Kaukasus en in het westen in de Kleine Kaukasus maar het grootste deel van het land ligt in de Koera-Arasvlakte, de vlakte van de rivieren Koera en Aras, die deels ver onder het zeeniveau liggen. Het kustgebied aan de Kaspische Zee en met name het schiereiland Apsjeron, waarop de hoofdstad Bakoe ligt, herbergt strategische olie en gasvoorraden. Azerbeidzjan (of Azerbaycan) betekent letterlijk vertaald het land van de eeuwige vlammen. Dit verwijst naar plekken waar gas uit het gesteente ontsnapt en spontaan ontbrandt. Deze natuurlijke fakkels branden al eeuwen achtereen. Ook door de traditionele religie (het Zoroastrisme) verwijst het naar het land van de eeuwige vlammen. Het Nationaal Park Gobustan, in 2007 door UNESCO tot Werelderfgoed verklaard, herbergt zowel deze oude vlammen als rotstekeningen en moddervulkanen. bewerk Bestuurlijke indelingDe hoofdstad is Bakoe. Azerbeidzjan is ingedeeld in:
Nagorno Karabach maakt de jure deel uit van Azerbeidzjan maar is de facto een zelfstandig gebied, dat wordt bezet door Armeense troepen en dat overigens niet erkend wordt in het buitenland. Ook de Lachin-corridor tussen Nagorno Karabach en de Armeense grens staat onder controle van het Armeense leger. bewerk Demografiebewerk ReligieAzerbeidzjan heeft een seculiere overheid en heeft dus geen staatsreligie. Het grootste deel van de bevolking is islamitisch. Alleen een klein deel van de bevolking volgt de islamitische regels, zoals vaste gebeden, vasten tijdens de ramadan of het zich onthouden van varkensvlees. Ook de hoofddoek voor vrouwen wordt niet algemeen gedragen. In Bakoe staat een standbeeld van de eerste vrouw die haar hoofddoek vrijwillig afdeed. De meeste Russen en Armeniërs zijn christenen. Hierin ligt een van de belangrijkste oorzaken van het conflict om de enclave Nagorno-Karabach. Het is volgens sommigen[bron?] een van de meest religieus tolerante islamitische landen, doordat het min of meer geassimileerd was tijdens het communisme. Toch wordt het land door de christelijke organisatie Open Doors gerangschikt bij de top 25 van landen waar er anno 2008 volgens Open Doors christenvervolgingen plaatsvinden[20]. Zo wordt het christenen bijvoorbeeld onmogelijk gemaakt om vrij een christelijk klinkende voornaam te kiezen voor hun kinderen. Er bevinden zich ongeveer 30.000 Joden in Azerbeidzjan, van wie er ongeveer 20.000 gevestigd zijn in Guba. De Joodse diaspora is erg tevreden over de religieuze tolerantie van Azerbeidzjan. Het land is naast Turkije en Jordanië een van de weinige landen met een islamitische meerderheid die er vriendschappelijke betrekkingen met Israël op nahouden. Er wonen ongeveer 9.000 Udi-christenen, van wie er zich 8.500 in Azerbeidzjan bevinden. Udi-christenen waren de eerste christenen van de Kaukasus in de eerste eeuw na Christus.[bron?] De Katholieke Kerk werd na de val van het communisme weer hersteld met de komst van een Poolse priester in 1997 en de oprichting van een missie sui juris in 2000. Op uitnodiging van president Heidar Aliev bracht Johannes Paulus II ondanks zijn toenemende zwakke gezondheid op 22 en 23 mei 2002 een bezoek aan Azerbeidzjan. Naar aanleiding van dit bezoek gaf president Aliev een stuk grond in Bakoe om er opnieuw een kerk te kunnen bouwen. Deze kerk zou eind 2006 volledig functioneel moeten zijn. Naast de drie algemene geloofsovertuigingen heeft Azerbeidzjan nog een ander geloof: een soort traditie die ze voor duizenden jaren hebben behouden, namelijk het zoroastrisme. Dit is het oorspronkelijke geloof van Azerbeidzjan en Iran. Azerbeidzjan wordt als een heilig land beschreven in het Heilig Boek van het zoroastrisme en wordt jaarlijks door zoroastristen bezocht. bewerk TaalDe bevolking van Azerbeidzjan spreekt voor het grootste deel Azeri. Azeri is een Turkse taal en lijkt dan ook veel op het Turks, maar heeft ook veel Arabische, Perzische en Russische invloeden ondergaan. Naast het Azeri spreekt men als tweede taal Russisch en Engels. Kleine tot zeer kleine minderheden spreken Armeens, Perzisch, Georgisch, Lezgisch (een Kaukasische taal), Koerdisch en Talysh (beide Iraanse talen). bewerk InfrastructuurAzerbeidzjan is een enorm olierijk land, al sinds voor Christus was olie een bekend product in Azerbeidzjan. Het werd onder andere gebruikt voor Zoroastrische tradities en medische redenen. Door Azerbeidzjan lopen twee belangrijke pijpleidingen, die worden beschouwd als alternatieve energiebronnen voor Europa.
bewerk Zie ook
bewerk Externe links
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| All Right Reserved © 2007, Designed by Stylish Blog. |